Volg
Kinderhulp Ghana

Facebook Twitter LinkedIn Youtube

Nieuwsbrief

Wilt u ook op de hoogte gehouden worden?

Lees ook oudere nieuwsbrieven.

Direct
doneren

Zonder uw steun kunnen we maar weinig beginnen. Daarom is uw bijdrage meer dan van harte welkom!

Toekomstvisie
Uw donatie 95% besteed
Minimale bestuurskosten
Weeskinderen
Posted by pr, 26 november 2012 18:04
  • Mercy Boatemaa. Geboren 8 april 2004, opgenomen in het weeshuis 19 januari 2007

 

Mercy’s ouders zijn Isaac Boateng en Felicity Anane. Zowel de families van vaders kant als van moeders kant waren zeer arm. Daarom ging het jonge echtpaar naar Ivoorkust om daar te gaan werken en om zo geld te kunnen zenden naar hun beide families. In 2004 werd in Ivoorkust dus Mercy geboren. Gedurende de tweede helft van 2005 vernam de familie niets meer van het jonge echtpaar. Tot dan ontving de familie regelmatig geld van het echtpaar. Het was dus een grote teleurstelling dat de geldstroom was gestopt.

Tot verdriet van de familie ontvingen ze in februari 2006 het bericht dat de ouders van Mercy tijdens de burgeroorlog in Ivoorkust waren vermoord. Een Ghanese man, die de burgeroorlog heeft overleefd, heeft Mercy naar Nsoatre gebracht.

Op 19 januari 2007 is ze opgenomen als eerste kindje in het weeshuis, welke toen zo goed als gereed was voor de echte start in februari 2007. Het was nog maar een zielig hoopje mens.

 

  • George Boahen. Geboren 19 augustus 2002 , opgenomen in het weeshuis 21 juni 2007

De ouders van George zijn Anthony Boahen en Mavis Asamoah. George moeder stierf na een korte ziekte op 3 mei 2003 in Berekum, in het Holy Family Hospital. George grootmoeder ging voor hem zorgen. Zijn vader was een goede verantwoordelijke vader en deed alles wat van hem verwacht werd als vader. Om voor een inkomen te zorgen ging de vader begin 2005 naar Libië. Na 6 maanden in Libië reisde hij door naar Marokko.

In februari probeerde hij met een boot naar Spanje te komen. De boot zonk en George’s vader verdronk samen met de andere Afrikaners in de zee.

De grootmoeder zorgde goed voor George maar gezien haar leeftijd werd het haar teveel. Op haar verzoek hebben wij George opgenomen in het weeshuis.

 

  • Martha Korkor. Geboren 16 juli 2002, opgenomen in het weeshuis 10 juli 2007

De ouders van Martha zijn Kwabena Korkor en Mary Ayoriba. In maart 2005 stierf de moeder van Martha tijdens een bevalling. Martha’s vader had werk bij een bedrijf dat bomen kapte in de bossen. Met een kettingzaag rooide hij de bomen.

Na de dood van zijn vrouw ging hij drinken en was dikwijls dronken. Martha verbleef ondertussen bij een vriendin van haar moeder in het dorp Amanfoso. Haar vader zorgde dus niet voor haar. In september 2007 ging de vader weer het woud in om bomen om te zagen. Er viel een boom op hem en dit had zijn dood tot gevolg.

Martha werd ziek en werd naar het ziekenhuis gezonden. Terwijl Martha in het ziekenhuis verbleef liet de vrouw haar in de steek. Ze wilde de kosten van het ziekenhuis niet betalen. Er kwam contact met Kinderhulp. Toen Martha op 10 juli in het weeshuis werd opgenomen was ze nog erg zwak. Lange tijd bleef ze ziekelijk, maar nu wordt het al een hele dame en is ze goed gezond.

 

  • Joseph Gyebiri. Geboren 4 april 1996, opgenomen in het weeshuis   17 november 2007

 

De ouders van Joseph zijn Kwame Gyebiri en Georgina Gyebiri. Joseph, zijn broer en oudere zusters woonden met de ouders in het dorp Akrobosua, op 7 km van Nsoatre. Joseph’s moeder en zusters gingen elke vrijdag naar de markt in Nsoatre om de producten van hun eigen farm zoals plantain en cassave, te verkopen. Van de opbrengst werd onder andere zout, gedroogde vis en zeep gekocht, voor het bereiden van hun maaltijden en het wassen.

Begin 1997 gedroeg de vader zich vreemd ten opzichte van vrouw en kinderen. Een week lang vroeg hij hun te verdwijnen. Ze dachten dat hij een grapje maakte, totdat hij van de farm terugkwam met zijn kapmes in de hand. Hij dreigde hen te vermoorden, wanneer zij niet onmiddellijk zouden verdwijnen.

De moeder en haar kinderen, waaronder jonge Joseph, vluchtten naar Nsoatre. In Nsoatre bood een vrouw hen een constructie van hout aan als onderdak, een plek waar zij in kookte. De vrouw hielp hen ook om aan eten te komen.

In 2003 kon Georgina, de moeder, op de dagopvang gaan werken als schoonmaakster. ’s Avonds konden Georgina en Joseph in een van de klassen slapen, dankbaar maakten ze hier gebruik van. Begin 2007 werd het weeshuis opgestart. Door omstandigheden (de aangestelde verzorgster meldde zich ziek), ging Georgina de eerste kinderen verzorgen. Gezien de houding van de aangestelde verzorgster werd die ontslagen en werd Georgina aangesteld. Omdat Joseph steeds bij haar was werd hij later dat jaar opgenomen als een van de weeskinderen. Zelf realiseert hij zich nauwelijks dat Georgina zijn moeder is en noemt hij haar ook tante.

 

  • Benson K. Yeboah. Geboren 16 december 2001, opgenomen in het weeshuis 18 juni 2008

 

De ouders van Benson zijn James Yeboah en Esther Abrafi Yeboah. Zij zijn getrouwd in november 1999. De vader van Benson was farmer. Zijn moeder verkocht de producten die vader verbouwde. De moeder begon in 2003 vreemd te doen en zich raar te gedragen. Er was een probleem met haar hersenen. Ze is verschillende malen naar het ziekenhuis gebracht, maar haar toestand verbeterde niet.

Thuis weigerde ze dikwijls om het eten dat klaargemaakt was te eten. Ze doorzocht vuilnis op zoek naar eten en ook at ze van de grond. Er kwam een tijd dat ze haar vast moesten binden om te voorkomen dat ze wegliep. In juni 2005 openbaarde zich bij Benson’s vader nierproblemen en werd hij in het ziekenhuis in Sunyani opgenomen. Hij werd echter niet meer beter en stierf in februari 2006.

In maart 2007 verliet Benson’s moeder hun huis en tot op de dag van vandaag is er nooit meer iets van haar vernomen. Ook is er geen bevestiging of ze is overleden. Ruim een jaar later werd Benson in het weeshuis opgenomen, omdat er niemand meer voor hem zorgde.

 

  • Sara Nyarko. Geboren 18 maart 2000, opgenomen in het weeshuis 11 november 2008

Sara’s ouders zijn Evelyn Asare en Edmond Ekeji een Nigeriaan die werkte bij Ashanti Gold Fields. Haar ouders woonden in Obuasi in Ashanti Region. In 2003 reisde de vader naar Nigeria om zijn familie te bezoeken. In het begin kreeg Evelyn regelmatig telefoontjes van haar man maar na een maand hoorde ze niets meer.

Na enige tijd werd ze door de baas van Edmond gebeld met de mededeling dat Edmond was omgekomen in een gevecht met gewapende stuikrovers die hem in Nigeria hadden aangevallen. In 2004 verliet Evelyn Obuasi en vestigde zich met Sara in Nsoatre. Ze verkocht stoffen. In januari 2006 ging Evelyn naar Accra om stoffen in te kopen, op weg naar Accra kwam ze om het leven tijdens een ongeluk van de bus.

Sara kwam terecht bij haar grootmoeder in Adams Town, een dorpje in de buurt van Nsoatre. Haar grootmoeder was zwaar dementerend en Sara moest alles doen. De situatie werd onhoudbaar, ze werd nagenoeg als slavin behandeld. Uiteindelijk heeft de predikant uit Nsoatre haar weggehaald en naar het weeshuis gebracht. Sinds eind 2008 leeft ze hier en is gelukkig.

  • Clement Brakatu. Geboren 13 april 2000, opgenomen in het weeshuis 16 februari 2009

 

De ouders van Clement zijn Peter Brakatu en Sandra Adwoa. Zijn ouders kwamen uit Nsoatre maar woonden in Kumasi. Clement’s vader werkte daar als betonvlechter. In 2006 begon de moeder van Clement zich raar te gedragen. Haar echtgenoot zond haar naar het ziekenhuis en stelde van alles in het werk om haar weer tot de oude te krijgen. Alle inspanningen mochten niet baten en de zaken liepen uit de hand.

In 2006, toen het probleem van krankzinnigheid was onderkend, had ze naast Clement ook een baby van een jaar, een meisje. De vader zond de beide kinderen, Clement en zijn zusje Joyce, naar een vriendin van de moeder die ook in Kumasi woonde, omdat de moeder de kinderen uit vuilnisbakken te eten gaf. Clement’s vader betaalde de vrouw voor het eten en andere onkosten van de kinderen. Totdat hij in oktober 2007 van de top van een drie verdiepingen-hoog gebouw waar hij aan het werkte, viel en stierf.

In december 2007 zag de moeder de kinderen. Ze pikte haar dochtertje op, maar Clement vluchtte. Opnieuw voedde ze Joyce uit vuilnisbakken en in april 2008 stierf de kleine Joyce. Clement zwierf een week lang in Kumasi. Een vrouw, Agnes Nti, zag hem daar en ontfermde zich over hem. In het begin zorgde ze goed voor hem, maar al spoedig moest hij ijswater voor haar gaan verkopen langs de wegen. Drie dagen per week mocht hij naar school en elke dag kreeg hij 20 pesewas, ongeveer 8 cent, om eten te kopen.

Clement kon dat harde leven niet volhouden in Kumasi en werd naar zijn grootmoeder gezonden. De grootmoeder was te oud om voor Clement te zorgen en benaderde Kinderhulp en zo is Clement opgenomen in het weeshuis.

  • Amanda Mensah. Geboren 25 oktober 2005 , opgenomen in het weeshuis 23 januari  2010

 

De ouders van Amanda zijn Kofi Mensah Stephen en Cecilia Owusu. Amanda’s moeder kwam naar Nsoatre met haar oom, die overgeplaatst was als onderwijzer , naar Nsoatre. In 1996 werd de oom weer overgeplaatst maar Amanda’s moeder besloot in Nsoatre te blijven.

Amanda’s vader werkte bij een wegenbouw bedrijf welke enkele wegen aanlegde in Nsoatre. Amanda’s moeder was 8 maanden zwanger toen het wegenbouw project in Nsoatre gereed was. Amanda’s moeder werd verteld dat ze naar het volgende project gingen in Atebubu. Zij zou haar man volgen, na de geboorte. Sinds het vertrek van Amanda’s vader in september 2005 hoorden ze niets meer van hem. Ondanks allerlei naspeuringen werd er nooit meer van hem vernomen. In januari 2009 raakte Amanda’s moeder opnieuw zwanger en ze besloot tot abortus. De illegale abortus verliep slecht en ze stierf.

Amanda werd opgevangen door de eigenares van het verblijf van haar moeder. Maar in december 2009 stierf ook deze vrouw, waarna Amanda in januari in het weeshuis werd opgenomen.

  • Sara Oforiwaa. Geboren 4 februari 2006, opgenomen in het weeshuis 21 maart 2011

 

De ouders van Sara zijn Yaw Asuama Gyamfi en Ama Yeboaa. Sara heeft een broer en een zuster, Sara is de jongste. In 2000 vertrokken de ouders naar Accra in de hoop daar een beter leven te zullen hebben. Haar vader vond werk als beveiliger bij een bedrijf en de moeder ging brood verkopen.

De vader ging in januari 2007 naar Nsoatre voor familiebezoek. Hij raakte onderweg betrokken bij een fataal ongeluk die uitliep op zijn dood. Zijn dood was een grote schok voor moeder en de kinderen. Na zijn dood deed moeder haar best om met de broodverkoop in het levensonderhoud van het gezin te voorzien. In december 2007 werd bij Sara’s moeder kanker geconstateerd. Ze kon zich niet veroorloven om de voorgeschreven medicijnen te kopen. Ze moest het opgeven.

Toen de toestand kritiek begon te worden en ze niet meer kon werken, probeerden het broertje en zusje geld bij elkaar te sprokkelen. Ze verkochten zakjes water, om eten te kunnen kopen. In augustus 2008 stierf Sara’s moeder. Een vriendin van de moeder, waarmee ze had samengewerkt, heeft de drie kinderen naar hun oma in Nsoatre gebracht.

Het was niet gemakkelijk voor de grootmoeder, ze was oud en had geen inkomen. Na schooltijd moesten Sara’s broer en zus zakjes water verkopen om zo wat geld voor eten bij elkaar te sprokkelen.

In november 2010, zag een onderwijzeres van de dagopvang, de kleine Sara, nog geen vijf jaar oud, zakjes water langs de weg verkopen. Zij voelde zich bij het zien hiervan ongelukkig en rapporteerde dit aan Kinderhulp. Nadat een en ander gecontroleerd was, werd besloten om Sara op te nemen in het weeshuis.

 

  • Alhassan Awudu, de naam is veranderd in Gideon Boateng. Geboren 11 januari 2003, opgenomen in het weeshuis 2 februari 2012

 

De ouders van Gideon zijn Awudu Mumuni en Shatu Halija. De familie komt uit Yendi, Northern Region. Het was een moslim familie. Gideon heeft een jonger zusje Falisatu die we Lisa zijn gaan noemen en die ook is opgenomen in het weeshuis. De moeder was een nicht van de Chief of Yendi.

Er was een conflict tussen de twee koningshuizen en de Chief werd in 2002 vermoord en het palies in brand gestoken. Het gevolg was dat de twee koningshuizen elkaar nagenoeg volledig hebben uitgemoord.

In 2009 zijn de ouders van Gideon vermoord. Een oom van de kinderen realiseerde zich dat ook hun leven in gevaar was. De oom vluchtte met de twee kinderen naar Asikasu een dorpje bij Nsoatre. Hier vestigde hij zich en zorgde enigszins voor de kinderen, hij dronk nogal veel en was veel weg. De kinderen gingen niet naar school en spraken ook geen Twi. In de morgen ging de oom naar zijn tuin in het woud en de kinderen zwierven rond op zoek naar iets te eten.

Kinderhulp werd op de hoogte gebracht en spoedde zich naar Asikasu om de kinderen te redden. Maar de oom verzette zich hevig en was bang dat de kinderen verkocht zouden worden. Tot driemaal toe is er geprobeerd de oom tot andere gedachten te brengen, maar het lukte niet. De Chief van Nsoatre en de dominee werden ingeschakeld. Zij deden hun best en later werden ook Social Welfare en de politie erbij betrokken. Uiteindelijk werden de kinderen naar Sunyani gebracht door Social Welfare en de politie.

De kinderen werden onderzocht door een arts. Het meisje bleek ziek te zijn. Zij is onder toezicht gekomen van Social Welfare en in het ziekenhuis opgenomen. Gideon bleek gezond en is op 2 februari 2012 overgedragen aan Kinderhulp.

  • Rachael Adwubi.Geboren 15 januari 2003, opgenomen in het weeshuis op 18 juli 2012

 

De ouders van Rachael zijn Simon Owusu en Philomina Asuama. Zij waren getrouwd en leidden een gelukkig leven.

In juni 2007 was de moeder enkele maanden in verwachting toen ze klaagde over pijn in de onderbuik. Men bracht haar naar het ‘Nsoatre Health Centre’. Het personeel deed zijn best maar de situatie was boven hun capaciteiten en daarom werd ze de volgende morgen naar het ‘Sunyani Regional Hospital’ gebracht. Ze werd onderzocht en er werd een ‘ectopic pregnancy’ ‘extra-uteriene zwangerschap’ geconstateerd. Ze moest zo snel mogelijk geopereerd worden. Drie uur later werd ze geopereerd maar ze is niet meer hersteld en stierf de volgende dag.

Het was een grote schok voor Simon en zijn dochtertje Rachael. Rachael werd opgenomen door de zuster van de vader, Dora, die goed voor haar zorgde. De vader deed al het mogelijke om goed voor Rachael te zorgen. Hij was een goede vader.

In februari 2010 vertrok de vader naar Libië in de hoop vandaar naar Europa te kunnen reizen, zoals heel veel mannen dat proberen, vooral vanuit Brong-Ahafo. Het lukte hem Libië te bereiken. Hij belde met Dora en Rachael en zond af en toe geld en andere dingen. Dus we mogen aannemen dat hij in Libië werk had gevonden en aan het sparen was om verder te reizen. Ook dat is het normale patroon. Er is in Nederland een pocket die deze reis beschrijft tot aan Amsterdam. Zo’n reis kan wel 7-10 jaar duren en heel veel komen om tijdens de reis. Na de omwenteling in 2011 in Libië is niets meer van de vader vernomen, we gaan er vanuit dat hij is omgekomen. In april 2012 is Dora overleden en was Rachael weer alleen. Een welwillende onderwijzeres van de ‘Sacred Heart Senior High’ ontfermde zich over haar.

In juni 2012 ontving de onderwijzeres echter bericht dat ze was overgeplaatst naar een Senior High in de Central Region. De onderwijzeres besprak de situatie met de hoofdonderwijzeres van de Presby-Dutch Primary, de school die onder Kinderhulp valt. Rachael zit op deze school. Het hoofd besprak de situatie met Kinderhulp en zo is Rachael opgenomen in het weeshuis.

 

  • Falisatu, nieuwe naam Lisa Boateng. Geboren ?, opgenomen in het weeshuis op 29 juli 2012

De ouders van Lisa zijn Awudu Mumuni en Shatu Halija. De familie komt uit Yendi, Northern Region. Het was een moslim familie. Lisa is een zusje van Gideon, die ook in het weeshuis zit. De moeder was een nicht van de Chief of Yendi. Er was een conflict tussen de twee koningshuizen en de Chief werd in 2002 vermoord en het palies in brand gestoken. Het gevolg was dat de twee koningshuizen elkaar nagenoeg volledig hebben uitgemoord.

In 2009 zijn de ouders van Lisa vermoord. Een oom van de kinderen realiseerde zich dat ook hun leven in gevaar was. De oom vluchtte met de twee kinderen naar Asikasu een dorpje bij Nsoatre. Hier vestigde hij zich en zorgde enigszins voor de kinderen, hij dronk nogal veel en was veel weg. De kinderen gingen niet naar school en spraken ook geen Twi. In de morgen ging de oom naar zijn tuin in het woud en de kinderen zwierven rond op zoek naar iets te eten.

Kinderhulp werd op de hoogte gebracht en spoedde zich naar Asikasu om de kinderen te redden. Maar de oom verzette zich hevig en was bang dat de kinderen verkocht zouden worden. Tot driemaal toe is er geprobeerd de oom tot andere gedachten te brengen maar het lukte niet.

De Chief van Nsoatre en de dominee werden ingeschakeld. Zij deden hun best en later werden ook Social Welfare en de politie erbij betrokken Uiteindelijk werden de kinderen naar Sunyani gebracht door Social Welfare en de politie.

De kinderen werden onderzocht door een arts. Lisa bleek ernstig ziek te zijn en is onder toezicht gekomen van Social Welfare en in het ziekenhuis opgenomen. Na een halfjaar verpleging, eerst in Sunyani en daarna in Kumasi is Lisa door Social Welfare overgedragen aan Kinderhulp.

 

  • Afia Hannah. Geboren 4 april 2003, opgenomen in het weeshuis op 8 september 2012

 

Met tranen in de ogen vertelt de oude man die voor Hannah zorgde het verhaal van Hannah. De ouders zijn Kwame en Yaa Eunice. Beide komen uit Noord Ghana en hebben daarom waarschijnlijk geen familienaam.

In maart 2001 emigreerden vader Kwame en moeder Eunice naar een klein dorpje Akrobosua op ongeveer 17 km van Nsoatre. Het dorpje valt onder de verantwoordelijkheid van de Nsoatre Traditional Council. De eigenaar of leider van Akrobosua, Yaw Nsia, accepteerde Kwame en Eunice en gaf hun een stuk land om te bewerken.

Het ging goed met hen, ze verkochten de opbrengst van het land: maïs, groenten en andere landbouwproducten. Ze verdienden zo een beetje geld en konden elk jaar kort naar het noorden gaan om hun familie te bezoeken. Kwame en Eunice waren, sinds ze zich in Akrobosua hadden gevestigd, zeer behulpzaam voor de oude Yaw Nsia en hij accepteerde hen hartelijk als zijn kinderen. De in 2003 geboren Hannah beschouwde hij als zijn kleindochter.

Vanaf 2008, toen Hannah 5 jaar was, bleef Hannah achter onder de goede zorg van de oude Yaw Nsia en zijn vrouw wanneer haar ouders, voor het gebruikelijke tweewekelijkse bezoek, naar het noorden gingen. In april 2010 gingen Kwame en Eunice opnieuw naar het noorden voor familiebezoek, maar sinds die tijd is er niets meer van hen vernomen. Alles werd gedaan om te achterhalen wat er is gebeurd maar dat heeft niets opgeleverd.

Het was een grote schok voor Yaw Nsia en zijn vrouw. In juni 2011 stierf de vrouw van Yaw Nsia en hij is er van overtuigd dat dit mede is veroorzaakt door het verlies van Kwame en Eunice, een schok die ze niet kon dragen. “Ik”, aldus Yaw Nsia,” en de enkele inwoners van dit dorp leven heel gelukkig samen. Ik besloot Hannah naar school te laten gaan maar de afstand om naar school te lopen in Nsoatre is te groot. Ik ben nu oud en de toekomst van Hannah is belangrijk. Alstublieft neem Hannah en zorg voor haar, ik zal altijd voor jullie en voor Hannah bidden. Dank u wel!”

 

  • Benjamin Botchway. Geboren 18 mei 2005, opgenomen in het weeshuis op 18 juni 2013

 

Benjamin leefde met zijn ouders van juni 2006 tot mei 2011 in Yaamosokrom in Ivoorkust. Zijn vader is Charles Botchway en zijn moeder was Kate Sarfoo Botchway. In mei 2011 werd zijn moeder ernstig ziek en ze besloten terug te gaan naar Ghana. Helaas stierf de moeder 3 maanden later in september 2011.

Nadat ze teruggekeerd waren naar Ghana is de vader tweede hands kleding gaan verkopen. Hij reisde van dorp tot dorp en was steeds in een dorp wanneer het marktdag was om zo zijn kleding op de markt te verkopen. Samen met anderen huurden ze een gedeelte van een huis. Benjamin bleef achter in de gehuurde kamer en was veel alleen. Medebewoners gaven hem iets te eten. Zonder een aanwijsbare reden begon Benjamins vader hem te mishandelen en sloot hem soms twee dagen op.

De medebewoners van het huis realiseerden zich op een gegeven moment dat de situatie voor Benjamin steeds slechter werd. Het werd op een gegeven moment zo erg dat Benjamin vluchtte wanneer zijn vader thuis kwam. Hij sliep dan op de veranda’s van winkels en scholen en at voedsel van de straat. Zodra de vader weer op pad ging kwam hij weer terug naar huis en gaven de medebewoners hem voedsel. De situatie verergerde echter meer en meer en de vader mishandelde en legde hem aan de ketting wanneer hij Benjamin te pakken kreeg.

Een van de medebewoners nam contact op met de Regional Director of Social Welfare en met het bureau van Social Welfare en legde de situatie van Benjamin uit. Social Welfare nam vervolgens contact op met Solomon of de jongen, hoewel geen volle wees, toch opgenomen kon worden in het weeshuis. Solomon is onmiddellijk in de auto gestapt en heeft Benjamin opgehaald.

Hij voelt zich gelukkig en is dikke vrienden met vooral Gideon.

 


 


Comments are closed.